- Sneeuw in de Ardennen
- Regen in Vlaanderen
- Vertrokken in Sint-Niklaas om 2 uur, aangekomen om 2.45 uur
- Geen regen gezien!
Het natuurreservaat is meer dan 800ha groot. We zijn in de omgeving van de Putse moer geweest. Van de meer dan 150 soorten mossen hebben we er 22 op naam kunnen brengen. De meeste soorten kwamen ook in onze streek voor, behalve het heide-klauwtjesmos, te herkennen aan zijn bleekgrijs groene kleur. Van de lichenen vonden we 6 cladonia soorten, ook het zeldzame Kraakloof. Even was er twijfel of we nu dat fameuze frietzakbekermos gevonden hadden, volgens Hans kwam dat hier zeker voor, maar volgens mij kon daar toch maar weinig friet in!
We vonden ook veenmos, één ervan konden we met zekerheid op naam brengen: het gewimperde veenmos, te herkennen aan de afgeronde stengelbladtop die sterk gewimperd is. De boomstammen waren arm aan lichenen. Het algemeenste was groene stekelkorst op dennen. Het is sterk zuurminnend en bijna ongevoelig voor luchtvervuiling door zwaveldioxide, vooral in de nabijheid van industrie. Een ander woord voor dit licheen is zwavelvreter, dat zegt genoeg. We zagen ook een zwam, parasiterend op boomalgen, met de mooie naam "tweesporig vliesje" uit de groep van plaatjesloze vlieszwammen.
Besluit:
Voor ons was het weer gewoon worden om die vele soorten mossen uit elkaar te houden. Het is een materie die men niet mag laten rusten, een maandelijkse speurtocht in de eigen omgeving zou zeker onze kennis op peil houden.
![]()